Toediening
De meeste geneesmiddelen worden toegediend via de mond in de vorm van poeders, (bruis)tabletten, dragees, capsules en drankjes. Vroeger werden droge medicijnen meestal tot poeder gemalen. Tegenwoordig zijn van de werkzame bestanddelen soms slechts enkele milligrammen nodig, die vervolgens tot een hanteerbare vorm worden verwerkt met behulp van hulpstoffen.
Via de slijmvliezen
Sommige geneesmiddelen komen via de slijmvliezen in het bloed terecht. Een voorbeeld zijn tabletten of spray met nitroglycerine die onder de tong worden aangebracht bij een dreigende hartaanval. Het dunne mondslijmvlies neemt de werkzame stoffen direct op, waarna ze terechtkomen in de bloedsomloop. Zetpillen of suppositoria zijn enkele centimeter grote kegeltjes van cacaoboter of een andere vrij vaste stof die bij lichaamstemperatuur oplost. Ze zijn gemengd met de werkzame bestanddelen en worden meestal via de anus toegediend. Bij hevige braakneigingen en pijn gebruikt men vaak medicijnen in de vorm van zetpillen.
Via de huid
Dit zijn middelen waarvan een geneeskrachtige werking wordt verwacht als men ze op de huid aanbrengt. Dat kan een zuiver oppervlakkige, desinfecterende werking zijn, zoals bij Betadinezalf en Sterilon. Vaak verwacht men van zalven en crèmes echter een dieper effect, bijvoorbeeld bij spier- of gewrichtspijn. Maar soms gaat het er alleen maar om dat een stof die op de huid wordt aangebracht, daar wordt opgenomen en uiteindelijk terechtkomt in het bloed. Een goed voorbeeld zijn de nicotinepleisters die op de huid worden geplakt om rokers van het roken af te helpen.
Vrijwel alle middelen die op de huid worden gesmeerd komen uiteindelijk in het bloed terecht. Smeert men bijvoorbeeld salicylzuur op de huid, dan is dat een paar uur later al aantoonbaar in de urine. Het betekent ook dat na het insmeren van de huid met antihistaminezalf, bijvoorbeeld bij een kwallenbeet, dat antihistaminicum door het lichaam opgenomen wordt.
Pasta’s
Onder pasta’s verstaat men een vrij stijve zalf waarin veel onopgeloste poederige stof aanwezig is. Een pasta wordt bijvoorbeeld toegepast bij een nattend eczeem om het vocht te absorberen.
Zalf
Zalven laten zich smeren als boter en zijn meestal uit vetachtige stoffen bereid. Als de zalf op de huid gesmeerd wordt, blijft er altijd vet achter. Een crème is een weke zalf die veel water bevat, soms zelfs meer dan 50%. Als een crème op de huid wordt gesmeerd, dringt zij er geheel in. De huid voelt dan ook niet meer vet aan. Bij moderne crèmes worden de meest uiteenlopende stoffen toegepast, van natuurlijk wolvet tot synthetische wassen toe. Om het ranzig worden van zalven en crèmes te voorkomen, voegt men er meestal conserveermiddelen aan toe.

